Almere Regatta 2018

Almere Regatta 2018

De Almere Regatta 2018 was een cursus omgaan met tegenslagen. Dat begon al met het formeren van de crew. Dat blijkt een onmogelijke taak en uiteindelijk kiezen we ervoor om alleen de zaterdag mee te varen. Maar daar hield het niet op.

Als we zaterdagochtend in Muiderzand verzamelen, zijn we allemaal fris en vol goede moed. JJ en Simon tuigen de boot op en ik haal de toerzeilen van boord. Travel light, je weet toch! We zijn allemaal vrolijk. Bijna allemaal, want Allard blijkt absoluut geen ochtendmens en heeft moeite om wakker te worden. “Is er geen koffie?” kraakt hij verontwaardigd. Nope.

De lange reis naar het startgebied is noodzakelijk omdat het voor de deur te ondiep is of teveel waterplanten zijn. Hierdoor hebben we tijd om nog wat last minute reparaties uit te voeren en wordt er benedendeks druk gepopnageld en bovendeks de laatste dingen afgetapet en gemarkeerd. Nog even de spi hijsen en we zijn er klaar voor.

Sinds 2018 is de ORC 4 samengevoegd met de ORC 3 om zo grotere velden te krijgen. Maar met slechts vijf deelnemers in onze klasse lijkt dat plan niet echt te slagen. Bovendien zijn de boten redelijk divers, want we varen nu tegen een Winner 10.10, First 31.7, J/70 en Pion. Alleen die laatste is echt een leuke sparringspartner.

Race 1

We starten op tijd aan de kant van het startschip, maar als we de lijn eenmaal over zijn zie ik dat de pin end voordeliger is. De wind is met 9-11 knopen lekker, maar toch loopt Fram niet optimaal. We moeten nog even inslingeren. Uiteindelijk komen we als laatste binnen en pakken we alleen de J/70 op handicap. Tijd voor een herkansing.

Race 2

Voor ons starten de J/109’s en er zijn er twee te vroeg gestart. “X-ray, X-ray” klinkt over de marifoon. X-ray betekent ‘X’ en is de seinvlag die gebruikt wordt voor een individual recall (te vroeg gestarte boot). De twee boten worden genoemd bij hun zeilnummer en we zien hoe ze omdraaien om terug over de startlijn te gaan en opnieuw te starten. “Wat dom van ze,” zegt Allard. Waarop ik antwoord met een quote van Roy Heiner: “Als je nooit te vroeg start, start je altijd te laat.” Hun startsein is tevens ons vijfminuten sein. We maken een paar oefenslagen en uiteindelijk maken we de final approach richting de startlijn. “40!” roep ik als ik nog zie dat we 40 seconden hebben. Simon staat op het voordek en houdt de afstand tot de lijn in de gaten. We kijken elkaar aan en geven een knik, wat zoveel inhoudt dat we allebei geloven dat we vol gas door kunnen. We starten dit keer bij de pin end en lopen hard en hoog. Naast ons ligt de White Hawk en over de marifoon horen we het startschip aftellen… Vijf, vier, drie, twee, een… tuuuuuuut.

We starten prachtig bij de pin end. Vol gas vliegen we samen met de White Hawk over de lijn. Enkele seconden na het startsignaal zie ik de pin end voorbijkomen aan lij. Chips! Die had ik eigenlijk helemaal niet gezien. Er zit hooguit een meter tussen. Maar een meter is genoeg. Over de marifoon klinkt wat gekraak, ik sla er geen acht op. We varen door en doen goede zaken. Maar dan wordt de boodschap herhaald. “X-ray NED 8708.” Fuck! Dat zijn wij.

“We moeten terug!” Simon en JJ moeten nog uit de zeereling komen maar ik val al af. Ik wil z.s.m. terug en opnieuw starten. “$%^&*GRrr” Ik baal en vloek. Hardop. Dit kan niet! Dit klopt niet! We waren niet te vroeg. Het was een wereld start. Grrrrr.

“Het startschip kon dit helemaal niet zien, de White Hawk lag naast ons,” sputter ik over dek. Als we terugvaren komen we langs de RIB die als contra startschip bij de pin end ligt. Maar die ligt voor de startlijn en kon het ook niet zien. “Zijn jullie contra startschip?” vraag ik. “Dan zagen jullie toch dat we niet te vroeg waren!”

de gifbeker is nog niet leeg

We gijpen en starten opnieuw over stuurboord. De rest is al twee minuten onderweg. Ik ben nog steeds des duivels. Het was een briljante start. En hoe kan het dat die pin end pas 6-7 seconden na het startsein voorbij dobbert? Het klopt gewoon niet. Maar goed, het is een call van de wedstrijdleiding en daar kun je niks tegen doen. Ik weet hoe het kan zijn op een startschip. Het is moeilijk en als een schip perfect start, dat wil zeggen met volle snelheid op het startsein over de streep, en de rest is nog niet op snelheid en iets later, dan lijkt het al snel dat iemand wel te vroeg gestart moet zijn. Maar de gifbeker is nog niet leeg.

De wind neemt af en komt voor ons in de kritieke zone. Dat wil zeggen rond de acht knopen. Daaronder wordt het heel moeilijk voor Fram, maar vanaf 8 kn kunnen we meedoen. Maar ook al geeft de windmeter bij vlagen acht, zelfs negen knopen wind aan, we lopen niet. De eerste kwarttonners (klasse na ons) halen ons in. Dit is nou niet bepaald de manier om mijn woede en frustratie te temperen.

Race 3

“Ok. Let’s forget about it,” zeg ik vooral tegen mezelf. We doen mee om te oefenen en mijlen te maken. Maar ik baal nog steeds.  Als wij finishen zit de klasse voor ons al in de startprocedure. We halen de spi binnen en zien veel boten achteruitvaren om van het wier af te komen. Voor de zekerheid kijk ik ook even achter ons en schrik. Een lange sliert wier sleept in ons kielzog. “We hebben wier!” We deinzen terug, maar het lijkt niet te helpen. Intussen klinkt ons vijfminuten sein. De GoPro steek ik filmend onderwater. Zo kan ik op mijn telefoon terugzien of we vrij zijn van wier. Helaas. Nog meer deinzen, maar intussen hebben we nog maar anderhalve minuut tot de start. We komen te laat aan bij de start en ik ben nogmaals boos op de wedstrijdleiding. Een beetje vaart in de startprocedure is goed, maar dit is gewoon te krap.

Wier aan de vaanstandschroef die zo niet meer in vaanstand komt.

Nog steeds geteisterd door wier eindigen we race 3 ook achteraan. Ik overweeg de race te staken. Maar het andere stemmetje fluistert dat we nog één kans hebben voor een goede race. En we zijn er nu toch! Ok. Vooruit. We gaan nog één keer knallen.

Race 4

Ondanks alle bad luck is de crew top. Simon kan al zijn krachttraining te gelde maken op het voordek en JJ heeft veel (eigenlijk alleen maar) goede tactische calls. En Allard heeft het ook steeds beter onder de knie. Na de finish van race 3 knallen we de motor een aantal keer volgas vooruit en achteruit. Het lijkt te werken. Ik check het nog even met de GoPro en ja we zijn eindelijk wiervrij. De wind schommelt nog steeds rond de acht knopen, maar er zijn vlagen van 10 knopen. Als we de start naderen zijn we iets te laat. Maar dat heeft nu een voordeel. Want ik zie de Tien-10 en White Hawk allemaal over bakboord hoog aan de wind varen, maar nauwelijks over de startlijn komen. De wind is gedraaid en de lijn ligt dus scheef. “Tacking in 3, 2, 1 en… tacking!” We klappen en starten over stuurboord. Ondanks dat we iets te laat waren liggen we nu wel direct eerste.

Op het eerste rak worden we wel ingehaald door de Winner 10.10, White Hawk en de J/70, maar het gat is klein. We maken tactisch goede calls en ook de spinnaker komt nu eindelijk mooi uit de zak. Als we over stuurboord liggen en de Zahir over bakboord aankomt, vragen we of we voorlangs mogen. En ik weet dat het voor sommige (koppige en onwetende) wedstrijdzeilers raar klinkt, maar je kunt voordeel hebben als je iemand voorlangs laat. De Zahir snapt het niet en blijft ‘bakboord’ roepen. Ok, dan klappen we toch. Wat jij wilt. En wham we liggen vlak voor hem. Ze krijgen onze vuile wind en halen minder hoogte. Ja dat bedoel ik dus. Hierdoor verliezen we allebei. Wij verliezen snelheid door de tack, zij hoogte door onze vuile wind.

Tack, round, set

Een tack, boeironding, hoist, zandloper, squaren en genua inrollen in 55 seconden.

Slået op af Team Fram i 6. juni 2018

 

We profiteren optimaal van de windshifts en varen de race foutloos uit. We worden uiteindelijk derde. Hèhè. Dit was een race zoals die moet gaan. Het geeft een goed gevoel. We weten dat het erin zit en dat de top 3 haalbaar is, maar dan moet het wier niet met de regatta meedoen.

Volgend jaar is de AR vroeger, namelijk op 17 en 18 mei. Hopelijk is er dan minder wier en zijn er meer boten in onze klasse. Of misschien komen we dan wel met een eigen ORC klasse à la de kwarttonners. Zullen we dat doen?

 

Crew: Simon, Jan-Jaap, Allard, Floris

Wind: 6-10 knopen

Finish: 4, 5, 5, 3

 

 

Next Post:
Previous Post:
This article was written by

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *